wo17012018

woensdag 17 januari 2018

Je bent hier:Home|Schoolgaand|ontwikkeling|Buitenspelen: tips, vanaf welke leeftijd en spelletjes overzicht

Buitenspelen: tips, vanaf welke leeftijd en spelletjes overzicht

Beoordeel dit item
(35 stemmen)
buitenspelen boom klimmenWe willen graag dat kinderen verantwoord spelen. Leerzaam of het liefst ook regelmatig buiten spelen. Toch blijkt dat we onze eigen ‘quality time’ die we met onze kinderen doorbrengen vaker voor de televisie of aan de eettafel doorbrengen.


Op een doordeweekse dag besteden de meeste ouders 30 tot 60 minuten bewust aan hun kinderen. In het weekend is dat ten minste twee uur. Samen buiten spelen is er niet veel bij. 88 procent vindt het belangrijk, maar kwaliteitstijd doorbrengen met de kinderen doen ouders vooral door samen te eten (68 procent) of door samen televisie te kijken (40 procent) en knutselen (25 procent). Deze cijfers blijken uit onderzoek van Direct Research in opdracht van Milner onder ruim 2100 ouders.

Met wat leuke spelletjesideeën wordt het vanzelf makkelijker om samen buiten te zijn of je kind te stimuleren om meer buiten te spelen! En daarom hebben wij een leuk overzicht van buitenspeelspelletjes gemaakt! Ook kunnen kinderen deze spelletjes in een groepje doen. Onderaan het artikel vind je tips over vanaf welke leeftijd kinderen welke mate van zelfstandigheid aan kunnen bij het buitenspelen.

Overzicht buitenspelen spelletjes

Milner had een tijdje terug een leuke verzameling achtertuinsporten op een rij gezet:

Kat en muis

Twee tegen twee. Iedereen heeft een lintje en wie de bal heeft moet extra goed opletten. Want van hem of haar mag het lintje worden afgepakt. Dus het is belangrijk om heel snel over te spelen én om te blijven vrijlopen, zodat het makkelijker wordt om de bal kwijt te kunnen.

Papa tegen de rest

Papa mag 2 minuten lang proberen iedereen af te gooien. Wie geraakt wordt, moet stokstijf op zijn of haar plaats blijven staan. Papa heeft pas gewonnen als iedereen stilstaat. Dus hoe meer buurjongens en -meisjes meedoen, hoe zwaarder papa het heeft.

Spinbal

Penaltyschieten met ‘hindernissen’. Strafschoppen zijn altijd lastig, maar daar doen we een schepje bovenop. Voordat de kinderen schieten op de goal waarin papa of mama de keeper is, zullen ze eerst een paar rondjes moeten draaien om een stok. Zo wordt je duizelig en dat zorgt voor grappige effecten.

Er zijn natuurlijk ook volop oude kinderspelletjes. Deze spelletjes zijn erg leuk om op het schoolplein of op een verjaardagsfeestje gespeeld te worden, google maar eens. Hier vind je alvast een selectie:

Omkijkertje

Dit spel wordt gespeeld met een groep kinderen. Eén kind staat met het gezicht tegen de muur, de anderen erachter op een rij tegen een hek of achter een lijn. De groep moet proberen het kind dat tegen de muur staat te tikken maar die mag onverwachts omkijken en diegene die dan nog loopt moet terug naar de lijn en opnieuw beginnen. Uitkijken dus.

De boom wordt hoe langer hoe dikker

De kinderen houden elkaar vast in een lange rij. De voorste van de rij houdt een boom vast. Degene aan het eind van de rij is draait met de rij om de boom heen, net zo lang tot ze allemaal tegen de boom aan staan, onder het zingen van: "De boom wordt hoe langer hoe dikker, De boom wordt hoe langer hoe dikker."
Dan gaat de rij achteruitlopend weer terug en zingen: " De boom wordt hoe langer hoe dunner."

Fopbal

De kinderen staan in een kring met de handen op de rug. Eén kind staat in de kring met een bal en doet net of ze de bal naar één gooit, die moet hem dan opvangen maar degene in de kring kan zich ook omdraaien en de bal de andere kant opgooien. Goed opletten dus.

Boompje verwisselen

Boompje verwisselen is een tikspelletje waarbij de kinderen een boom moeten vasthouden maar niet te lang, want het is de bedoeling om van boom te verwisselen. Als je de boom niet meer vasthoudt, mag je getikt worden en dan moet je hem wezen.

Op de website van Peuteren vind je ook een ruim overzicht aan buitenspeelspelletjes.

Ik verklaar de oorlog aan…

Iemand gooit een bal omhoog met de woorden: “Ik verklaar de oorlog aan Klaas”. Klaas moet dan zo snel mogelijk de bal pakken. De andere kinderen rennen weg. Zodra Klaas de bal heeft, roept hij “Stop!” Alle kinderen moeten nu stil staan. Klaas mag nu drie passen doen en dan proberen de bal tegen iemand te gooien. Als dit lukt, dan moet dat kind de oorlog verklaren aan iemand. Als het niet lukt, moet Klaas nog een keer.

Omgooien

Vul plastic limonadeflessen met water en geef aan ieder kind een fles. Laat de kinderen een plekje zoeken waar ze de fles neerzetten. Met een bal moeten ze proberen de fles van de ander om te gooien en tegelijkertijd hun eigen fles beschermen. Als de fles omvalt, moet je snel weer de fles overeind zetten voor de fles helemaal leegloopt. Het gaat erom wie het langst water in zijn fles kan houden.

Lummelen

Iemand wordt uitgeroepen tot lummel, en tussen de andere spelers staan. De andere spelers moeten nu proberen de bal over te gooien/rollen naar andere spelers zonder dat de lummel de bal te pakken krijgt. Zodra de lummel de bal aanraakt is degene die de bal als laatste heeft aangeraakt de nieuwe lummel. Het spel wordt vaak enkel met de voet gespeeld. Ook kun je twee lummels inzetten.
Ook bekend als chaos lummel spel ('gewoon' lummelen is dan met 3 spelers).
Variatie: tweede bal is heilig: zodra een nieuwe speler de lummel is, wordt er eerst twee keer overgespeeld, pas daarna mag de lummel proberen de bal te veroveren.

Hinkelen

Vanaf zo’n jaar of vier is een kind in staat te hinkelen. Een hinkelbaan is dan vreselijk leuk. Teken op de straat vakjes van 1 t/m 10. Je moet eerst een steentje in vakje 1 gooien. Dan moet je de hinkelbaan gaan afleggen, maar je mag niet op vakje één gaan staan. Daar moet je overheen springen. Vervolgens krijg je vakje twee, etc… Als het steentje niet in het juiste vakje wordt gegooid, ben je af. Ook als je tijdens het hinkelen buiten het vakje komt, ben je ook af.

Op Peuterplace vind je ook een aardig overzichtje van spelletjes die je kind buiten kan doen:

(Leren)fietsen
Steppen
Hoepelen
Balspelletjes
Overgooien, badminton, bal en racket, scoops, spelen met een strandbal of ballon, voetballen.
Speurtochtje
Met stoepkrijt kun je een klein speurtochtje uitzetten.
Spelen met klein materiaal
Pittenzakjes, lege flessen, bierviltjes, knijpers, lege dozen.

Vanaf welke leeftijd kunnen kinderen zelfstandig buitenspelen?

Als kinderen wat ouder worden dan kunnen zij prima zelfstandig buiten spelen. J/M ouders heeft op een rij gezet wat kinderen aan kunnen op welke leeftijd.

4-6 jaar

De motoriek is volop in ontwikkeling. Kleuters worden zelfstandiger, maar zijn nog impulsief en en hebben nauwelijks besef van gevaar. Een straat oversteken of naar een speelplek fietsen moet dus onder begeleiding van een volwassene gebeuren. Over de stoep een blokje om met de fiets kan wel. Reuze spannend voor een kleuter!

Binnen een vertrouwde omgeving kunnen ze al goed zelfstandig spelen. Toezicht is noodzakelijk, er voortdurend bovenop zitten niet. Als ouder moet je vooral voorwaarden creëren voor het spel. Wijs kinderen op gevaar, maar verbied niet te veel; in een veilige omgeving hoeft dat niet. Zo leert een kind zelf herkennen wat het wel en niet kan. Spreek bijvoorbeeld met andere ouders af wie wanneer toezicht houdt.

6-9 jaar

Op deze leeftijd zijn veel kinderen dol op voetbal, fietsen, skaten, verstoppertje spelen et cetera. Ze willen vooral motorische grenzen verleggen. Klimtoestellen zijn nog steeds in trek, zolang ze spannend zijn. Teveel verbieden heeft geen zin, de meeste kinderen kennen best zelf hun grens. Bovendien moeten ze ervaren wat wel en niet mag.

Zes- en zevenjarigen spelen nog overwegend nabij hun eigen woning. Acht- en negenjarigen kunnen af en toe zelfstandig op stap, mits de route rustig en bekend is en de eindbestemming niet te ver weg. Favoriet bij acht- tot negenjarigen zijn straat en plein, jeugdlandjes, avonturenspeeltuin, open speelvelden, ballen.

9-12 jaar

In groep 6 tot en met 8 wordt het verschil tussen jongens en meisjes groter, worden kinderen zelfstandiger en willen ze nog verder de buurt in. Hoe groter de actieradius, hoe belangrijker afspraken als: zeg vooraf naar welk vriendje je gaat, houd je aan de afgesproken tijd. Speelvelden zijn nog steeds in trek, zolang ze voor meerdere leeftijden geschikt zijn. Al is het maar om te chillen... Het draait steeds meer om anderen ontmoeten. Dat gebeurt natuurlijk ook op andere, meer informele ‘hangplekken’. Favoriet bij negen- tot twaalfjarigen zijn fietscross en braakliggende velden. En natuurlijk het voetbalveldje.

Tips bij het buitenspelen

* Ieder kind moet fysiek ervaring opdoen met gevaar. Zorg daarom voor een veilige omgeving, maar biedt ook uitdagingen: ontneem kinderen niet alle risico’s.
* Elk kind is anders en heeft een eigen ontwikkelingstempo. Meisjes rijpen vaak op jongere leeftijd dan jongens. Houd rekening met omgevingsfactoren (drukke binnenstad of rustige buitenwijk) én individuele verschillen.
* Maak altijd vooraf duidelijke afspraken: binnen welke grenzen mag het kind zich zelfstandig bewegen? Bij wie kan het ook aankloppen, in geval van nood?
* Buiten spelen is méér dan alleen bewegen. Fantasie, constructiespel, bouwen, rollenspellen, leren omgaan met anderen; kinderen hebben er behoefte aan.
* Kinderen komen alleen tot spelen als ze zich veilig en geborgen voelen. Wat veilig voelt, verschilt per leeftijd.
* Een schone speelplek nodigt uit; eentje die onder de hondenpoep zit dus niet.
* Speelplekken moeten als zodanig herkenbaar zijn voor kinderen.
* Ideaal zijn speelplekken met voor alle leeftijden wat wils (jonge kinderen vinden het prachtig om naar stoere skaters te kijken). Scherm het deel voor de kleinsten wel af.
* Maak kinderen weerbaar. Leer dat ze nooit iets tegen hun zin hoeven doen en bijvoorbeeld nooit in hun eentje met iemand meegaan. Ook een sport als judo vergroot de weerbaarheid.

Like TipsWerkendeOuders op Facebook

Tips om om te knutselen in de lente

Tips om te knutselen in de herfst

Tips om te knutselen in de winter