Werk (9)
Niet-werkende vrouwen zijn deze week ineens volop in het nieuws dankzij minister Bussemaker van Onderwijs. Ze teren nog te vaak op de zak van hun echtgenoot, schrijft ze in een nota over emancipatie.
Overal om je heen hoor je: 'Ik heb het druk, druk, druk. Ik ben gestrest. Geen tijd.' Het lijkt wel alsof er geen mens meer om je heen is die het niet druk heeft. Uiteraard heb je het druk in deze tijd waarin jij als werkende moeder net een kindje hebt gekregen (of een tweede). Je hebt je werk, je partner, je familie, je sociale contacten, sport en overige activiteiten. Maar wat is nu precies het verschil tussen stress en druk zijn?
Wat levert drieënhalf jaar sociologisch veldonderzoek naar de werk-privébalans op? Cathalijne Boland blikt terug op de rubriek De Balans uit Intermediair.In 2007 publiceerde Intermediair een interview met econome en columniste Heleen Mees naar aanleiding van haar boek 'Weg met het deeltijdfeminisme'. Ze had de boodschap: het Nederlandse anderhalfverdienersmodel is slecht voor vrouwen, en slecht voor de economie. Het interview lokte meer dan 100 reacties uit via internet.
Eigenlijk is de uitslag van onze poll niet anders dan schokkend te noemen. Meer dan eenderde van de ouders zegt minder kinderopvang te gebruiken dan voor de bezuinigingen! En nog eens een kwart overweegt dit in de nabije toekomst.
Nederlandse vrouwen geven hun werk gemiddeld een 7,3. Meer dan de helft geeft het werk zelfs een 8 of hoger. Opvallend is dat moeders met meer plezier werken dan vrouwen zonder kinderen. Dat blijkt uit de Margriet Werk Enquête*, waaraan 530 Nederlandse vrouwen van twintig jaar en ouder meededen.








