di21052013

Laatste update11:32:26 PM

U bevindt zich hier:Home|Columns|Pieter Brouwer|’t Was over krekeltjes en korenbloemen blauw

’t Was over krekeltjes en korenbloemen blauw

Beoordeel dit item
(0 stemmen)

treinuitzicht.jpgIk vind natuur belangrijk en ben ervan overtuigd dat een groene omgeving goed is voor de lichamelijke en psychische gezondheid. Ik heb ook respect voor de natuur en probeer zelf zo weinig mogelijk bij te dragen aan vervuiling en verstoring. Ten slotte hou ik van de natuur, van de variatie en complexiteit ervan.

Mijn opvoeding – met twee biologen als ouders – heeft daar zeker mee te maken. Ik woonde als kind niet midden in het groen. En nu woon ik met Karel en mijn vrouw zelfs midden in de stad. Karel is nog niet echt mobiel en daarbij rij ik geen auto. Ik kan dus niet even snel met Karel een duik nemen in bos of heide. Maar dat is geen excuus om toch niet te proberen Karel ‘groen’ op te voeden. Want zelfs in de drukste, grootste stad is het de mens gelukkig niet gelukt de wilde natuur buiten te sluiten.
Als het weer het toelaat, ga ik elke dag met Karel naar buiten (en doe dan vaak meteen boodschappen). Als hij in de kinderwagen ligt, rij ik zoveel mogelijk onder de kruinen van bomen door of langs hoge struiken en klimplanten, en ook zoveel mogelijk om de stadsdrukte met het lawaai van auto’s heen. In de tot parkje omgetoverde kloostertuin kijkt hij altijd gretig rond en valt dan in slaap. Als hij in de buikdrager zit, sta ik stil op groene plekjes en draai Karel naar het bedoelde uitzicht toe. Dan hoop ik dat hij wat hij ziet interessant vindt – bijvoorbeeld een vlinderstruik met allerlei zoemends en fladderends. Soms trappelt hij dan met zijn benen ten teken van groot enthousiasme. En dan voel ik me enorm trots op hem.

Natuurlijk, hij snapt nog niet echt wát hij ziet, maar door vaak planten en dieren te zien, raakt hij er op z’n minst vertrouwd mee. En dat voorkomt aversie en angst voor de natuur (alles te zien als onkruid en ongedierte en viezigheid dat weg moet). Het is fijn dat Karel met veel bewondering kijkt naar al dat groens, en dat hij er ook kalm van kan worden, en ik kijk dan ook uit naar moment dat Karel kan lopen en rationeler kan denken en communiceren – hoe ik hem dan planten en dieren aanwijs en ze benoem en erover vertel, zoals over de gele helmbloem die zo mooi is en zo zeldzaam en gewoon midden in de stad groeit. En over de onschuldige dwergvleermuizen die ’s avonds midden in de stad uit de huizen komen, waar ze blij tussen de spouwmuur leven, terwijl nauwelijks enige inwoner er weet van heeft.
En misschien vindt hij het dan helemaal niet interessant en zeurt dan dat papa niet zoveel moet praten en dat hij met zijn autootjes wil spelen. Maar ach, het gaat er om dat hij respect krijgt voor de natuur en de natuur in zijn waarde laat – wat hij er verder mee doet is aan hem.

De dagen met regen zijn voorbij. Vandaag wordt het hier volgens het weerbericht 31 graden, en morgen zelfs 33. Ons huis wordt op zulke dagen een echte oven, dus ik moet wel met Karel het huis uit. We zoeken dan een mooi plekje in de schaduw, en kijken stilletjes naar wat om ons heen groeit en voorbijzoemt, -fladdert en -kruipt. Wat zou er toch in zijn hoofdje omgaan?

Pieter Brouwer, vader van Karel (28-12-2010)

Meer columns van Pieter Brouwer

Meer columns van andere columnisten

 

Aantal keren gelezen: 799 keer

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.