do23052013

Laatste update11:32:26 PM

U bevindt zich hier:Home|Tips Werkende Ouders

Artikelen

Waterpokken Job: Waatepokkè! Leujk!

foto_waterpokken.jpgPapa! Kijk!!’ Enigszins trots tilt hij zijn shirt omhoog. Het melkwitte buikje verschijnt. Maar naast dat schattige melkwitte buikje is er nog iets anders te zien. Rode bultjes. Veel rode butjes. De ouderlijke alarmbellen gaan rinkelen; dit zijn de waterpokken. Dit móeten de waterpokken zijn. Zou hij er last van hebben? Wordt hij meteen ziek? Zwak? Misselijk?

Het verlossende antwoord komt al gauw. Nee, niet ziek, niet zwak, niet misselijk. Hij vindt het bovenal wel interessant. Niets meer, niets minder. Hij vraagt van alles. Toont zich bovengemiddeld geïnteresseerd. Hoe die bultjes dan heten? (‘Ooh ja! Waatepokkè! Leujk!’) Waarom het er ineens zo veel zijn? Waarom daar dan steeds zalf en poeder overheen gesmeerd moet worden? Of ik ze ook heb? Of ik ze ooit ook gehad heb? En mama dan? Kortom, niets aan het handje.

Tot diep in de nacht. Toen de goedgestemdheid ineens volkomen omgeslagen was. Een schreeuw, een kreet. Huilen. Overstuur. De vader spurt naar het bedje van zijn zoon en bekijkt de wirwar van dekens. Zoonlief heeft eigenhandig zijn slaapzak uitgedaan. Haar plakt op z’n hoofd, hij zweet zich een ongeluk. Rode konen, betraande ogen. Het doet zeer. Hij heeft pijn. Hij is zielig. Hij mag bij papa en mama in bed.

Het is het begin van één van de eerste rusteloze nachten die zowel ouders als zoon tot nog toe beleefden. Huilen, schreeuwen, meerdere malen badend in het zweet wakker worden. Alles hoorde er tijdens deze nachtelijke uren bij. Echt leuk vond hij die waatepokkè allang niet meer. En van trots was al helemaal geen sprake meer. Waterpokken waren overduidelijk ineens ‘niejleujk’ geworden .

Toch ging het de dag daarna al een stuk beter. Zoonlief verbleef weliswaar nog wat hangerig op de bank, maar tegelijkertijd bleek hij zo goed als beter. Hij at als een bezetene, hij keek talloze tekenfilmdvd’s. Zo veel, hij zou er jeuk of uitslag van krijgen.
En toen de juffies van de plaatselijke kinderopvang ons telefonisch meedeelden dat we hem ‘gerust’ konden brengen omdat het besmettingsgevaar allang voorbij was, leek in één klap het gewone leven weer aan te breken. En de zoon zelf? Die was de kriebel, het krabben, de Calendulanzalf, ’t KidsClin schuimpje en de menthol talkpoeder eigenlijk zo goed als vergeten.
‘Papa! Kijk!!’zo meldt hij ineens. Enigszins trots tilt de kleine man zijn shirt omhoog. Het melkwitte buikje verschijnt. ‘Waatepokkè! Weg!!’ Hij kijkt me aan en glimlacht breeduit. Ik grijp mijn fotocamera en leg weer een mooi moment in z’n prille leventje vast.

Dennis Dekker, vader van Job (11 augustus 2008)

Lees hier de andere columns van Dennis Dekker

Lees hier columns van andere columnisten