Evi heeft twee weken in het ziekenhuis gelegen in verband met de behandeling tegen hersenvliesontsteking. De eerste dagen in een ziekenhuis, wil je alleen maar naar huis en kun je het niet voorstellen dat je een verblijf van twee weken in een ziekenhuis gaat volhouden. Maar na een dag of vier krijg je een ritme. Je staat op, gaat douchen, verschoont Evi, geeft haar de fles, ontvangt de arts, gaat ontbijten, gaat internetten en tv kijken, verzorgt Evi, gaat lunchen, gaat een wandelingetje maken, verzorgt Evi, gaat weer internetten, leest een paar tijdschriften, gaat weer eten, verzorgt Evi, gaat weer tv kijken, neemt afscheid van Peter, verzorgt Evi en gaat slapen. Het rare is dat je aan het eind van de dag doodmoe bent, terwijl je dagindeling lijkt op de dagbesteding op de camping in Zuid-Frankrijk.
Enkel het insmeren met zonnebrandcrème en het bakken op het strand zit er niet bij. In plaats daarvan moesten we het doen met een dikke pak sneeuw, ijzel en soms mist. Op één avond, toen het mijn beurt was om naar huis te rijden, stelde ik het zo lang mogelijk uit. Ik vond het best eng om te rijden en de volgende ochtend weer terug te moeten. Ik reed nog maar net de snelweg op en daar kwam ik, om 23.30 uur, in een file. DE file, want het was de enige file in heel Nederland op dat moment en ik stond erin. Wegwerkzaamheden; de gaten die ontstaan waren door het koude weer moesten gedicht worden.
Een andere dag was het weer zo slecht, dat Peter er vier uur over had gedaan om naar het ziekenhuis te komen. ’s Avonds mochten we beiden blijven slapen; we waren aardig ingesneeuwd en veel ziekenhuispersoneel bleef ook slapen. Dolle pret was het…
Met Evi ging het beter en er kwam een dag dat Evi enkel nog in het ziekenhuis was vanwege de antibioticakuur die ze via het infuus moest worden toegediend. Naast Evi’s bed stond een apparaat waarop een spuit met antibiotica of zoutoplossing zat. Het apparaat zorgde ervoor dat de spuit met de antibiotica afgewisseld met de zoutoplossing automatisch leeg gespoten werd door het infuus, in haar kleine adertjes. De zoutoplossing zorgde ervoor dat er geen korstje zou ontstaan en het adertje zou dichtgroeien. Handig zou je denken, zo’n automatisch apparaat. Nou… er zat een alarm op als de spuit bijna op was. Dan moest er een verpleegster bijkomen om het apparaat opnieuw aan te zetten. Vijf minuten later was de vloeistof in de spuit echt helemaal op en dan ging het alarm weer af. Omdat het beter ging met Evi had ze niet meer het etiket ‘patientje met intensieve zorg’. Ook al ging het alarm, de verpleegsters kwamen niet meer à la minuut binnengestormd om de spuit te verwisselen. Het alarm ging best hard.
Het werd van de één op de andere dag ontzettend druk op de afdeling. De verpleegsters gingen ons toen maar uitleggen hoe we het apparaat stil konden zetten. Eén verpleegster pakte zelfs een dot gaas met tape om de speaker, waardoor het geluid van het alarm kwam, af te plakken en zo het geluid te dempen.
Op een gegeven moment voelden we ons zo ‘thuis’ dat we het apparaat afkoppelden van de standaard, onderin de bak van het onderstel van de Maxi Cosi legden en toen met Evi het ziekenhuis rond gingen karren. We gingen ‘shoppen’ in het winkeltje beneden. En daar kwam ik een leuke shoppingbag tegen. De verkoopster had enkel nog het showmodel die stuk was, maar belde even naar ‘de overkant’ om te vragen of ze de tas daar nog hadden. De overkant is het UMC en deze is via een lange ondergrondse tunnel te bereiken. Daar liepen we met Evi en de grote spuit onderin de bak, hopend dat het alarm niet zou afgaan, naar het UMC om de tas op te halen.
We hebben best gelachen in het ziekenhuis; met de verpleegsters en om situaties. Alleen deze leuke situaties werden ook weer afgewisseld met minder leuke situaties. Het infuus bijvoorbeeld die elke drie dagen sneuvelde en op een gegeven moment met de vijfde poging en bij de derde arts er pas weer goed in zat. Evi’s voetjes en handjes waren lek geprikt. Evi was over haar toeren (en haar pappa en mamma waren dat trouwens ook…)
Dan denk je dat er niks erger is op de wereld dan wat je op dat moment overkomt. Totdat je in de gang loopt, in het restaurant zit of even naar de ‘Ronald McDonald’ woonkamer gaat en een kindje ziet met een kaal hoofdje of een kind in een rolstoel met pinnen tegen het hoofd en een gewicht om het hoofd rechtop te houden. Dan besef je pas dat het allemaal wel meevalt, omdat het met Evi allemaal goed komt...
Angela Gijzel (31 jaar, moeder van Evi geboren op 27 oktober 2010 met een gewicht van 2230 gram)
Lees meer columns van Angela Gijzel
Lees hier meer columns van andere columnisten





