Jullie hebben een tijdje niets van mij gehoord, maar dat is ook niet zo vreemd. Op 27 oktober 2010 is onze dochter Evi geboren! Ze was heel klein: 45 cm en 2230 gram licht. En in de eerste 3 maanden van haar leventje heeft ze veel meegemaakt, waarin wij meegezogen werden. Maar laat ik bij het begin beginnen.
In de vorige column heb ik geschreven over de ziekenhuisopname, de inleiding die zou plaatsvinden en vervolgens toch weer afgeblazen werd.
Na deze eerste ziekenhuisopname volgende er al snel een tweede: op vrijdag werd ik ontslagen en op dinsdag lag ik weer in het ziekenhuis. De reden van de verloskundige in het ziekenhuis voor de opname: baby te klein, bloeddruk te onzeker (soms net te hoog) en als klap op de vuurpijl: er is vandaag plek. ‘Dus ga u spullen maar pakken, wij zien u over een uurtje weer terug. We beginnen vanmiddag met inleiden’. We gingen naar huis. Ik nam afscheid van onze hond met de wetenschap dat ik voor het laatst in ons huis zou staan met een zwangere buik. Over een paar dagen zou onze kleine meid bij ons wonen!
Later die middag liepen we, bepakt en bezakt alsof we een week naar Center Parcs gingen, weer de kraamafdeling op. De verloskundige had aangegeven dat we er rekening mee moesten houden dat we ‘ergens in het weekend’ de baby pas in onze armen zouden kunnen houden. Dus de laptop, Nintendo Dsi, boeken, tijdschriften en natuurlijk voldoende kleren sleepten we de kraamsuite binnen.
Naast het bed stond een soort van uitklapbare fauteuil waarop Peter de nacht kon doorbrengen. Verder konden we, na één van onze rekeningnummers te hebben doorgegeven, gebruik maken van de televisie en draadloos internet. En zo gingen een uurtje of twee voorbij, toen een verloskundige en een verpleegkundige binnenkwamen. Het feest ging beginnen. De verloskundige gaf uitleg: de bevalling zou worden opgewekt. Om te beginnen werd er een gel ingebracht bij de baarmoedermond. Deze behandeling zou de volgende dag twee maal herhaald worden, dan een dag rust en de vierde en vijfde dag zou deze behandeling indien nodig opnieuw worden herhaald. Daarna kwam het infuus met weeënopwekkers pas in beeld. Ja, dan ben je dus zeker een dag of vijf verder.
Maar de verloskundige was de deur nog niet uit of ik kreeg al wat krampen. Peter ging ondertussen een hapje eten bij zijn ouders en ik probeerde al liggend wat rijst met een soort terijaki-achtige substantie naar binnen te werken. Het eten viel niet goed, ik werd wat misselijk en ik kreeg het warm en daarna heel koud. Een verpleegster kwam even bij me kijken en zei dat ik eens ‘lekker’ een stukje moest gaan rondlopen om mijn gedachten te verzetten. Dat leek mij een goed idee, maar toen ik opstond uit bed, voelde het alsof de baby helemaal naar onderen was gezakt. Voor mijn gevoel kon ik niet eens een broek aan, laat staan naar de lift lopen!
Ik smste Peter; of hij weer snel naar me toe wilde komen. Peter was in no time in het ziekenhuis en ik vertelde dat ik wat krampen had. Zo rond 20 uur werd het toch wel zo heftig dat ik het gevoel had dat ik de krampen moest wegpuffen. De verpleegster zag mij zo bezig en vroeg welke zwangerschapscursus ik had gedaan. ‘Geen’, zuchtte ik. ‘Dat dacht ik al’, zei ze. ‘Op de manier zoals je het nu doet, kun je gaan hyperventileren.’ Na een verkorte zwangerschapscursus van een minuutje of twee lag ik te puffen. Op dat moment vond ik het al best heftig. ‘Als dit alleen nog maar het begin is, dan houd ik dit nooit dagen vol!’, zei ik tegen Peter. Maar iedere vrouw die ooit is bevallen, weet dat dit natuurlijk onzin is….
Angela Gijzel (31 jaar, moeder van Evi geboren op 27 oktober 2010 met een gewicht van 2230 gram)
Lees meer columns van Angela Gijzel
Lees hier meer columns van andere columnisten





